Ook reageert Van der Tuin op de verwarring die ontstond na zijn vertrek bij het CDA. Vroeg CDA Hoorn nu wel of niet om zijn plek binnen de raad af te staan? Volgens het raadslid was hem eerder nog niet gevraagd af te treden als raadslid. Afgelopen week ontving hij echter wel een brief van het CDA-bestuur met de vraag ”de zetel terug te geven aan het CDA”.
Lees hier de reactie van raadslid Johan van der Tuin van Fractie Van der Tuin:
Wederom is in het NHD gewag gemaakt van het ”feit” dat ik uit de fractie ben gestapt na onenigheid. Met zulke woorden wordt de stellige indruk gewekt dat er bonje of ruzie is geweest, terwijl daarvan in het geheel geen sprake is/was.
In het persbericht stond:
Ten grondslag aan dit (Johan’s) besluit liggen verschillen van inzicht binnen de fractie over de wijze van samenwerken en de onderlinge communicatie. En dat was het dus.
Als er wel sprake was van onenigheid of bonje dan had ik dat in het persbericht gezet! Het schijnt niet te kunnen dat je na een aantal jaren noodzakelijkerwijs uit elkaar gaat zonder dat er sprake is van ruzie, bonje of onenigheid.
Tijdens mijn vakantie heeft in het NHD gestaan dat mij gevraagd zou zijn mijn zetel terug te geven. Kennelijk bedoelde men te zeggen dat mij gevraagd was af te treden als raadslid, zodat een ander persoon op de kandidatenlijst van het CDA raadslid zou kunnen worden.
Ik heb toen aan Jaap Stiemer verklaard dat mij niet is gevraagd af te treden als raadslid (‘de zetel terug te geven’). Waarom zou ik zoiets aan de courant verklaren als dat onjuist is? Het zou niet in mij opkomen, daarnaast is het ook nog eens ”dodelijk” om een journalist voor te liegen. Ik vond het feit dat het bestuur mij niet had gevraagd weg te gaan wel relevant; kennelijk begreep ook het bestuur dat ik na bijna 25 jaar inzet in verschillende functies het ”uitstappen” met veel pijn in mijn hart heb genomen. Zij die mij kennen zijn daarvan ook overtuigd, zo blijkt mij uit de vele reacties.
(Overigens was ik van plan om af te treden maar heb ik na ampele overweging besloten de volle periode raadslid te blijven. Iets wat ik eerder schriftelijk aan het CDA Hoorn heb beloofd).
Vandaag staat in de krant: ”Het CDA heeft Van der Tuin verzocht mijn zetel aan de fractie terug te geven, maar hij is daar niet op ingegaan.”
Dit is wel heel sukkelig Nederlands - zetel aan de fractie terug te geven! Ik lees dat ik er niet op ben ingegaan.
Feit is dat enkele leden maandagavond jl. alsnog aan het bestuur hebben gevraagd aan mij te vragen af te treden als raadslid, waarop het bestuur heeft besloten mij dit per brief te verzoeken. Woensdag belde de afdelingsvoorzitter mij op om te zeggen dat een dergelijke brief onderweg was. Donderdag is deze per post bezorgd. Naast vriendelijke woorden van dank voor mijn inzet is vraagt het bestuur mij nu ”de zetel terug te geven aan het CDA. Het bestuur vraagt u hierop schriftelijk te reageren naar het bestuur.” Tot zover de brief.
Dit zijn de feiten. Feit is ook dat ik nog niet schriftelijk heb gereageerd aan het bestuur.
Kortom, gans anders dan het NHD bij de lezers doet vermoeden.
Wat meer zorgvuldigheid van het NHD stel ik zeer op prijs!
Gezien het feit dat ook uw redacteur niet blijkt te weten hoe de Wet een ander heeft geregeld (Staatsinrichting), lijkt voorlichting een goede zaak. Mensen die op één kieslijst staan kunnen in één fractie samenwerken. Bijvoorbeeld: als ik was afgetreden kan de eerstvolgende op de kieslijst raadslid worden, los van de vraag of hij/zij nog lid van het CDA is of in de CDA-fractie wil samenwerken. Maar dat lijkt voer voor een volgende keer.
Zie ook:
http://www.hoorngids.nl/nw-7951-7-3414771/nieuws/raadslid_van_der_tuin_verlaat_boos_cda-fractie.html