HOORN - Zelfs in Darwin wordt meegedacht over de toekomst van onze mooie Hoornse binnenstad. Van onze ’correspondent’ aldaar, Jeroen Vogel, ontving de redactie van Hoorngids.nl een bijdrage in de discussie.
Jeroen Vogel: Ik had dit epistel geschreven als reactie op artikel van Samir Bashara met vragen namens Groen Links aan B&W. Het bleek echter te lang om als reactie te plaatsen.
Groeten vanuit Darwin,
Jeroen Vogel
Er zijn twee problemen die het historische centrum van Hoorn parten spelen: de leegstand van winkelpanden en, vooral op zaterdag, een verkeersaanbod met een hoge densiteit. Het lijken twee problemen die conflicteren met elkaar: als het leegstandsprobleem is opgelost, wordt het andere probleem vergroot. Ondertussen is men ten stadhuize volop bezig met het plan Poort van Hoorn, de ontwikkeling van de Blauwe Berg en het Oostereiland. Er lijkt geen enkele connectie te zijn tussen de plannen en de problemen. Sterker: het zou weleens heel goed kunnen dat de Poort van Hoorn de voornoemde problemen groter maakt dan ze al zijn.
Door de binnenstad als geheel te nemen en alle plannen, ideeën, problemen, obstakels en lopende ontwikkelingen onderdeel uit te laten maken van een totaalvisie in plaats van een onsamenhangend geheel, kan er veel gerichter worden gewerkt aan een bestendige toekomst. Wat is het dat we willen? Waar lopen we tegenaan? Hoe maken we ruimte voor projecten die gerealiseerd moeten worden?
De spoorweg snijdt de stad in twee stukken en scheidt de binnenstad fysiek van de naoorlogse stadsdelen. Bovendien zorgt het spoor voor veel verkeersoponthoud. Dit wil men ondervangen door een tunnel voor autoverkeer te bouwen, bij het Keern een ongelijkvloerse kruising te realiseren voor fietsers en voetgangers (brug of tunnel) en ProRail gaat de loopbrug bij het station aanpakken. Dit zijn drie kostbare projecten die de spoorweg als fysieke stadsscheiding in stand houden. Bovendien moet de Museumstoomtram haar emplacement deels opgeven voor nieuwbouw op het huidige Transferium, waarvan niet eens vast staat of dit wel nodig is in deze tijd van leegstand (kantoren en winkels).
Door niet de auto’s, fietsers en voetgangers, maar juist het spoor en het station ondergronds te brengen worden er meerdere stappen gezet: er wordt ruimte gemaakt, de tunnelbouw kan in combinatie met overige bouwprojecten worden gerealiseerd en waar nodig op effectieve en goedkope wijze als schalentunnel worden uitgevoerd, de scheiding wordt ongedaan gemaakt. Als het moderne treinverkeer zich ondergronds afspeelt, kan er bovengronds veel ruimte worden vrijgemaakt voor het ouderwetse treinverkeer. Zo ontstaat er ruimte om de Museumstoomtram niet in te perken, maar uit te breiden tot een nog voornamer museum met nationale aantrekkingskracht. Het stationsgebouw kan dienen als museumgebouw. De invulling van de overige vrije ruimte, waaronder het Transferium, moet in lijn blijven met de historische architectuur. Achter een stoomtreinmuseum kan niet een gebouw als het WFG worden neergezet, bijvoorbeeld. Ook moet ervoor worden gewaakt dat er geen Disneyland-achtig geheel ontstaat. De functies die men vergeeft aan de ruimte moeten niet worden gezocht, maar worden aangedragen vanuit een behoefte. Er is geen behoefte aan kantoren of kleine winkelruimtes, maar aan een bioscoop had hier juist wel weer behoefte geweest. Door visieloos handelen is dat nu naar de rand van de stad gebracht en daarmee worden bezoekers de binnenstad uitgedreven. Wel heeft C&A meermaals aangegeven naar een groter pand te willen. Het inplannen van bestemmingen voor bouwgebieden moet worden losgelaten, juist om de creativiteit een rol te laten spelen.
Hiermee ga je terug naar de manier waarop de binnenstad is ontstaan: bouwen per kavel, naar behoefte. Maar wel vanuit een totaalvisie dat aangeeft waar men met de binnenstad naar toe wil. Maakt het uit dat er geen winkel in een pand zit? Laat de bestemming los en maak het voor alles toegankelijk: van woning tot tandartsenpraktijk tot jeugdherberg tot redactielokaal van Hoorngids. Met creativiteit komt vitaliteit. Laat C&A een mooi pand optrekken bovenop de spoortunnel, met haar deuren richting de binnenstad. Het pand in de binnenstad is een prachtige locatie om groots in te lasergamen en te paintballen. Op de plek van de oude schouwburg is genoeg ruimte om Europa’s grootste zee-aquarium te realiseren.
Op deze manier kun je de totaalvisie als volgt formuleren: ”Een zeer aangenaam verblijfsgebied dat op nationaal niveau mensen trekt.” Dat klinkt heel simpel, maar de juiste invulling is een immense opgave. Lukt dat, dan zal menig ondernemer graag een winkel openen in die vitale binnenstad. Het tweeledige gehalte van de formulering van de visie zorgt voor de extra uitdaging: hoe realiseer je een zeer aangenaam verblijfsgebied, als er een hoge verkeersdensiteit is? Door al het autoverkeer in het centrum (binnen de te herstellen singelgracht) aan banden te leggen op zaterdag, het parkeren niet meer dan een euro te laten kosten, Connexxion eveneens te verbannen, streng op te treden tegen fietsers in voetgangersgebied (als je de fiets in stukken knipt - in plaats van een boete te geven - is dat de ultieme garantie dat ze het niet snel meer zullen doen) en geen uitzonderingen voor vrachtverkeer en bestemmingsverkeer te maken. Daar moet dan wel tegenover staan dat er een aanzienlijke hoeveelheid parkeervakken bij moet komen, buskaartjes vanuit de regio niet meer dan een euro kosten en er goede fietsenstallingen zijn.
Ik denk niet dat de ingeslagen weg (notabene op advies van mensen uit de bouwwereld) de juiste is. Er is lef nodig, een visie, daadkracht. Bovenstaande is maar een hersenspinsel, maar verdomd, het zou zomaar eens kunnen werken...!