In de nacht van 30 op 31 maart wordt om 02.00 uur de klok een uur vooruitgezet. Vanaf zondag geldt de zomertijd en dat blijft zo tot 27 oktober, wanneer de klok weer een uur teruggaat.
De zomertijd en wintertijd zijn in Nederland in de jaren zeventig ingevoerd. Daar waren destijds twee redenen voor: ten eerste leidde het tot een energiebesparing, want met het ingaan van de zomertijd konden de lampen wat later aan. Daarnaast gaf het mensen in de avonduren wat meer vrije tijd bij daglicht. Traditioneel begint de zomertijd in het laatste weekend van maart.
De laatste jaren gaan er meer en meer stemmen op om te stoppen met het verzetten van de klok. Een veelgehoorde klacht is dat het biologische ritme erdoor wordt verstoord.
Het Europees Parlement is ook vóór afschaffing, maar neemt daarover waarschijnlijk pas over een paar jaar een definitieve beslissing. Voor nu geldt dat we vannacht een uurtje korter slapen. Maar daar krijgen we in de avond wel een uurtje langer licht voor terug.
Zomer- en wintertijd