Hoorn, 31 juli 2017.
Geacht College,
Bij brief van 20 juli jl., zaaknummer 1441558, hebben wethouder mevrouw A.J. de Jong en de heer A. Geerdink, directeur van het Westfries Museum, de gemeenteraad geïnformeerd over het verkrijgen van de nalatenschap van de heer I. Le Cocq d’Armandville uit Heemstede.
Voor het Westfries Museum heeft de heer Le Cocq antiek waaronder schilderijen en zilver en een geldbedrag van € 1,7 miljoen nagelaten. Door de nalatenschap van de heer Le Cocq moesten wij onwillekeurig denken aan de nalatenschap van het pand Roode Steen no.15 van mevrouw de Vicq-Carbasius. Al ruim 25 jaar houdt de gemeente zich niet aan de voorwaarden uit het testament van mevrouw de Vicq.
Mede daarom heeft onze fractie een aantal documenten opgevraagd en ontvangen waaronder: collegevoorstel en collegebesluit en afschrift van het testament. Na het bestuderen van de stukken blijkt dat het college uit twee varianten gekozen heeft. Deze twee varianten zijn:
A. De gemeente beheert het Fonds op naam binnen de gemeentelijk financiële structuur;
B. Doorschenken en onderbrengen van de nalatenschap bij een hoofdfonds te weten de Stichting Vrienden van het Westfries Museum
Zowel variant A en B beogen de instelling van een Le Cocq d’Armandville - Plancken Fonds en zijn in juridisch opzicht volledig verantwoord uitgewerkt. Desondanks zijn wij van mening dat door de keus voor variant A het Westfries Museum tekort wordt gedaan en niet gehandeld is naar de geest van de heer Le Cocq d’Armandville. De heer Le Cocq heeft met volle overtuiging geld en goederen geschonken aan het Westfries Museum en niet aan de gemeente Hoorn. Wij beseffen daarbij dat het Westfries Museum een gemeentelijk museum van de gemeente Hoorn is. De goede band en de betekenis van deze unieke relatie, die in tien jaar tijd is opgebouwd tussen de medewerkers van het museum en de heer Le Cocq, worden door de keus van het college feitelijk opzij gezet, terwijl deze relatie bepalend voor de nalatenschap is geweest. Het college kan en mag aan deze diepe band tussen museum en de Le Cocq niet voorbij gaan. Het nuttig gebruik van de nalatenschap van € 1,7 miljoen beperkt zich voor het Westfries Museum tot het jaarlijkse rentevoordeel van € 17.000,--. Een soort financieel rantsoen waar het Westfries Museum weinig mee kan doen. Door te kiezen voor variant B wordt veel meer recht gedaan aan de nalatenschap van de heer Le Cocq. In een dergelijke situatie gaat het geldbedrag uit de nalatenschap volledig naar het Westfries Museum en de Stichting Vrienden van het Westfries Museum. Bovendien zal het rentevoordeel, mits het Fonds in handen komt van het Museum, kunnen uitgroeien naar € 45.000,-- tot € 70.000,-- per jaar.
Volgens artikel 36 van het Reglement van Orde stellen wij u de volgende vragen.
1. Wil het college B&W een nieuwe afweging maken tussen variant A en B;
2. Heeft het college nog vóór er een keus is gemaakt over het legaat overleg gehad met de directeur van het Westfries Museum en met de Stichting Vrienden van het Westfries Museum. Wat heeft deze gesprekken opgeleverd;
3. Welke variant komt volgens het notariaat het meest overeen met de intenties van de nalatenschap. Heeft de notaris hierover een advies gegeven of wilt u dit advies alsnog vragen;
4. Bent u het met ons eens, dat de relatie tussen het museum en de medewerkers van het Westfries Museum en de heer Le Cocq d’Armandville uniek is en het daarom alleen al vanzelfsprekend is dat de nalatenschap volledig en zonder tussenkomst van de gemeente toebehoort aan het Westfries Museum;
5. Vanaf 19 januari 2019 komt het pand Roode Steen no. 15 eindelijk beschikbaar voor het Westfries Museum. Overweegt het college of het Westfries Museum het samenvoegen en verbouwen van pand Roode Steen no. 15 deels of helemaal te betalen met het geld uit de nalatenschap van de heer Le Cocq. Kan en mag dit en wie beslist hierover;
6. Is het college van B&W bereid vanwege de betekenis en omvang van het legaat de gemeenteraad mee te laten kiezen tussen variant A of B en alles wat daarbij hoort ?
Vriendelijke groet, namens Fractie Tonnaer,
Roger Tonnaer, gemeenteraadslid