HOORN - Van een door een wethouder ooit gehoopt symbolisch aankoopbedrag kwam het nooit. Na lang onderhandelen moest Hoorn toch nog 3,6 miljoen euro voor het Oostereiland betalen. Maar dat bleek veel te veel. Hoorn eist nu via de rechter 1,4 miljoen van het Rijk.
In 2007 was men ten stadhuize nog heel blij met de aankoop. De Raad van Hoorn besloot toen unaniem het Oostereiland van het Rijk te kopen voor 3,625 miljoen euro. Tijdens onderhandelingen had de gemeente de oorspronkelijke vraagprijs van 4,75 miljoen euro nog naar de 3,625 miljoen terug weten te krijgen. Volgens verantwoordelijk wethouder Van Es werd toen duidelijk dat een lagere prijs niet haalbaar was. Overigens zei hij toen wel dat men aanvankelijk ”verrast was door het hoge bedrag voor de aankoop”.
Op dit moment rond de gemeente de ontwikkeling van het Oostereiland af. Een enorme klus met volgens velen een mooi resultaat met een combinatie van o.a. bedrijven, culturele instellingen en woningen. Een project van globaal 30 miljoen euro.
Hoorn heeft wel enkele tegenvallers moeten verwerken. Zo bleek de fundering van de voormalige gevangenis veel slechter dan aanvankelijk berekend. Ook waren de kosten voor de sanering van de vervuilde grond hoger. Deze meerkosten probeerde Hoorn te verhalen op het Rijk, maar die gaf geen thuis. Uiteindelijk stapte Hoorn naar de rechter die in een tussenvonnis alles afwees, behalve de extra kosten voor de fundering. Daar moet een betere onderbouwing voor komen en dan krijgt Hoorn misschien alsnog 1 miljoen euro van het Rijk.
Dinsdagavond praat de politiek tijdens een commissievergadering over de financiële situatie rond het Oostereiland-project.