HOORN - De PvdA fractie van de Hoornse gemeenteraad heeft vragen gesteld aan het College van B en W middels een brief, over de situatie van transportbedrijf Moeijes aan de Dorpsstraat in Zwaag.
In de brief valt het volgende te lezen:
College van Burgemeester en wethouders
Nieuwe Steen 1
1625 HV Hoorn
Hoorn, 16 augustus 2012
Betreft: Afwijking bestemmingsplan Blokker, Zwaag en Nieuwe Steen - Oost
Geacht college,
In de gemeenteraadsvergadering van 15 maart 2011 is het bestemmingsplan “Blokker, Zwaag en Nieuwe Steen – Oost” vastgesteld. Op 11 april 2012 is het bestemmingsplan onherroepelijk geworden na een uitspraak van de Raad van State.
Er is een juridische procedure gevoerd over één perceel, gelegen achter de Dorpsstraat 127. Dit perceel is in eigendom van het bedrijf Moeijes. Dit perceel was, in strijd met de toenmalig vingerende bestemming, illegaal door dit bedrijf in gebruik genomen als parkeerruimte voor het bedrijf. Omwonenden zijn uiteindelijk akkoord gegaan met de bestemmingswijziging en een juridisch compromis, omdat dan geen vrachtwagens meer op de Dorpsstraat geparkeerd zouden worden.
Bovenstaande geeft aan dat het bestemmingsplan op onderdelen niet zonder slag of stoot is vastgesteld en van kracht is geworden. Ook bij de behandeling van het bestemmingsplan in de raadscommissie van 1 maart 2011 is een verdere uitbreiding van het bedrijf besproken.
Achter Dorpsstraat 143 zou ook de agrarische bestemming gewijzigd moeten worden ten behoeve van hetzelfde bedrijf. Dit ging de omwonenden te ver. Maar ook de verantwoordelijk wethouder heeft destijds aangegeven het juridisch compromis dat bereikt was tussen bedrijf en omwonenden als uitgangspunt voor het bestemmingsplan te willen nemen.
De gemeenteraad heeft dan ook besloten een verdere uitbreiding en aanpassing van het bestemmingsplan voor het bedrijf Moeijes niet noodzakelijk te vinden. De gemeenteraad heeft hierbij de belangen van omwonenden in hun woon- en leefomgeving zwaar laten wegen.
Wij waren dan ook zeer verbaasd toe wij onlangs van bewoners begrepen dat het bedrijf Moeijes desalniettemin bezig was om in strijd met de bestemming het perceel achter Dorpsstraat 143 alsnog te verharden. Dit lijkt ons, zeker gezien de gevoerde juridische procedure, de recente afronding in het bestemmingsplan en de rechtspositie van bewoners zeer onwenselijk. Wij hebben begrepen dat de afdeling Vergunning & Handhaving van de gemeente adequaat heeft opgetreden en het bedrijf gesommeerd heeft de activiteiten te staken.
Het bedrijf is, zo begrepen wij, vervolgens wel uitgenodigd om voor 15 september aanstaande alsnog een vergunning aan te vragen voor de gewenste extra verhardingen. Daarbij hebben wij begrepen dat het college in principe bereid zou zijn om medewerking te verlenen aan het uitbreiden van het bedrijf en de agrarische bestemming te wijzigen, onder de enkele voorwaarde dat er wordt voldaan aan de geluidsnormen.
Wij hebben bij deze situatie grote vraagstekens, omdat
1. de inkt van het bestemmingsplan net droog is en de problematiek rond het bedrijf Moeijes daarbij expliciet aan de orde is geweest. De wethouder heeft bovendien aan de gemeenteraad aangegeven dat het juridische compromis tussen bedrijf en bewoners leidend is.
2. dit richting de bewoners zeer kwalijk zou zijn. Na een zwaar bevochten compromis en vastlegging daarvan in het bestemmingsplan mochten zij toch aannemen dat de zaak hiermee afgedaan zou zijn.
Wij hebben daarom in dit kader een aantal vragen:
1. Is het juist dat het bedrijf Moeijes is uitgenodigd om vergunning aan te vragen voor verharding achter perceel 143 van de Dorpsstraat?
2. Is het juist dat u in principe bereid bent om medewerking te verlenen aan het uitbreiden van het bedrijf en de agrarische bestemming te wijzigen achter perceel 143 van de Dorpsstraat, onder de enkele voorwaarde dat er wordt voldaan aan de geluidsnormen en zo ja, waarom?
3. Bent u het met ons eens dat alleen zwaarwegende nieuwe omstandigheden kunnen leiden tot het heroverweging van een recent vastgesteld bestemmingsplan? Bent u het met ons eens dat er geen nieuwe omstandigheden zijn m.b.t. deze situatie en dat in dit geval de overwegingen bij de vaststelling van het bestemmingsplan al in de gemeenteraad zijn gemaakt?
4. Bent u met ons eens dat, gezien de discussie in de gemeenteraad bij de vaststelling bij vaststelling van het bestemmingsplan en de toezegging van de wethouder om het juridisch compromis leidend te laten zijn, de gemeenteraad ook actief betrokken moet worden voorafgaand aan uw besluit af te wijken van het bestemmingsplan op dit punt? Zo ja, wanneer gaat u de gemeenteraad hiervoor in positie brengen, zo nee, waarom niet?
5. Bent u van mening dat burgers erop mogen vertrouwen dat indien een kwestie recent in de gemeenteraad tot besluitvorming is gekomen, het college dan ook overeenkomstig handelt? Hoe denkt u dat het verlenen van bovengenoemde vergunning door de betrokken burgers ervaren zal worden?
De beantwoording van de bovenstaande vragen wachten wij met belangstelling af.
Namens de fractie van de Partij van de Arbeid
Dennis Bruin, Commissielid
Judith de Jong, Fractievoorzitter