HOORN - Het algemeen bestuur van Veiligheidsregio Noord-Holland Noord, bestaande uit de burgemeesters van alle 21 gemeenten, wil de brandweerzorg in zijn werkgebied regionaliseren. De voorbereidingen hiertoe worden concreet gestart. Dit betekent dat de gemeentelijke brandweren op termijn worden opgeheven. Het algemeen bestuur sluit hiermee aan op de op handen zijnde wijziging van de Wet veiligheidsregio’s. In deze wet wordt regionalisering van de brandweer verplicht gesteld.
Noord-Holland Noord is één van de laatste regio’s die tot regionalisering van de brandweer overgaat. In de meeste regio’s is de brandweer al enige tijd geregionaliseerd. Enkele jaren terug heeft het algemeen bestuur van de veiligheidsregio besloten niet te regionaliseren. In plaats daarvan is toen gekozen voor een intensieve samenwerking tussen de brandweerkorpsen. Op 14 februari bleek er in de Tweede Kamer brede steun te zijn voor het voorstel van minister Opstelten regionalisering overal in het land te verplichten. Regionalisering van de brandweer wil niet zeggen dat de verbondenheid met de verschillende gemeenten verdwijnt. Naast de wettelijke taak van het hebben van het ‘opperbevel’, blijft de lokale burgemeester ook zijn of haar rol naar het plaatselijke brandweerkorps vervullen. Om dit op een goede wijze in te vullen denkt het algemeen bestuur van de veiligheidsregio aan het zogenoemde ‘KNRM-model’. Hierbij heeft de burgemeester als voorzitter van een ‘plaatselijke commissie’ goed zicht op de uitvoeringspraktijk. Deze ervaringen kan de burgemeester laten meewegen in de regionale besluitvorming over brandweeraangelegenheden.
De nieuwe regionale brandweerorganisatie blijft gestoeld op vrijwilligheid. Op dit moment telt de regio Noord-Holland Noord zo’n 1.350 brandweermensen. Hiervan zijn 150 beroepskrachten. De overige brandweermensen vervullen hun taak als vrijwilliger. Dat zal ook in de toekomst zo blijven. In de nieuwe organisatie blijven de lokale brandweerkorpsen actief. Het grootste verschil voor lokale brandweermensen is dat zij regionaal worden ‘aangestuurd’. Bij de vorming van een regionale brandweerorganisatie spelen kosten, risico’s en kwaliteit een belangrijke rol. De brandweerkorpsen voldoen over het algemeen wel aan het bestuurlijk vastgestelde kwaliteitsniveau, maar presteren niet allemaal op hetzelfde niveau. Ook de risico’s per gemeente en kosten voor de gemeentelijke brandweerkorpsen variëren. Met het onderbrengen van de gemeentelijke brandweren in één regionale organisatie wordt een eenduidig kwaliteitsniveau ontwikkeld. Ook de kosten voor brandweerzorg worden in alle gemeenten op dezelfde manier berekend. Door een brandweerorganisatie in te richten die regionaal wordt aangestuurd kan ook beter worden ingespeeld op de zogenoemde risicoprofielen van de gemeenten. Nu lopen sommige gemeenten aanzienlijk meer risico op grootschalige calamiteiten dan andere. De nieuwe regionale brandweerorganisatie heeft nadrukkelijk de bestuurlijke opdracht om de komende jaren te bezuinigen op het totale brandweerbudget.
Regionalisering van de brandweer is een omvangrijk proces. De burgemeesters willen dat dit zorgvuldig gebeurt. De komende maanden wordt een concreet projectplan opgesteld. Dit projectplan wordt aan het algemeen bestuur voorgelegd op 29 juni. Aandachtspunten van dit projectplan zijn zorgvuldige communicatie met alle betrokkenen, op een goede wijze betrekken van alle partijen en een gefaseerde aanpak met bijbehorende besluitvorming. De uiteindelijke besluitvorming op gemeentelijk niveau vindt plaats door het college van burgemeester en wethouders.