HOORN - Woningcorporatie IntermarisHoeksteen heeft maandag het convenant Laatste Kansbeleid met Stichting DNO Maatschappelijke Opvang ondertekend. IntermarisHoeksteen neemt naar eigen zeggen haar maatschappelijke verantwoordelijkheid en draagt zo bij aan het voorkomen van dakloosheid. “Wonen is voor iedereen een primaire levensbehoefte en het kan niet zo zijn dat mensen door een misstap per definitie de mogelijkheid op wonen verspelen”, aldus de overeenkomst.
Toekomstperspectief
Huurders in de regio West-Friesland komen in aanmerking voor het Laatste Kansbeleid bij (dreigende) huisuitzetting of ontruiming. De woningcorporatie beslist zelf of het een Laatste Kans biedt. Voorwaarde is dat de huurder bereid is mee te werken aan een hulp- en begeleidingstraject én dat er een redelijk toekomstperspectief is. Een onafhankelijke trajectbegeleider van Stichting DNO Maatschappelijke Opvang, begeleidt dit traject en bewaakt de afspraken. Hij zoekt samen met de huurder naar de juiste oplossingen en schakelt zo nodig passende hulpverlenende instanties in.
‘Het doel van het Laatste Kansbeleid is te voorkomen dat mensen dakloos raken’, legt Matthijs de Vries uit. Hij is hoofd Bewoners & Wijken bij IntermarisHoeksteen. ‘Bij huurachterstand bekijken we samen met de schuldhulpverlener hoe we de achterstand kunnen oplossen.
Uitgangspunt is de huurder financieel weer op de rit te krijgen en in de huidige woning te laten wonen. Vaak zijn de situaties bij deze cliënten gecompliceerd en liggen er verschillende psychosociale problemen aan ten grondslag. Sociale, gezins- en psychiatrische hulpverlening spelen een sleutelrol. Bij extreme overlast is het niet altijd mogelijk de problemen in de bestaande woonomgeving op te lossen. Dan zetten we in op het vinden van andere woonruimte. Samen met Stichting DNO en hulpverlenende instanties zorgen we dat zich daar niet dezelfde problemen voordoen.’
Samenwerking
IntermarisHoeksteen had altijd haar eigen beleid om uitzetting te voorkomen. Het Laatste Kansbeleid biedt meer kans op succes op lange termijn door de multidisciplinaire aanpak van verschillende sociale ketenpartners, want het betreft vaak huurders met meerdere problemen. Zij zijn volgens De Vries het meest gebaat bij korte lijnen en goede informatie-uitwisseling. ‘Daar moet dit convenant in voorzien: in een integrale aanpak om huisuitzettingen te voorkomen.’